Sanquin: een onmisbare schakel voor het UMCG

ma 24 februari 2025

Als je vanaf de Oostersingel het UMCG-terrein oploopt, zie je Sanquin al bij ingang 47. Sanquin is de landelijke organisatie die verantwoordelijk is voor de bloedvoorziening in Nederland. Ze zorgen ervoor dat er voldoende bloed en bloedproducten beschikbaar zijn voor ziekenhuizen en andere zorginstellingen. Sinds 2005 is Sanquin gevestigd op de Healthy Ageing Campus in Groningen. Campus Groningen ging eens op bezoek bij deze speler op de campus, die als enige organisatie in Nederland vanuit het ministerie de taak heeft om de bloedvoorziening te waarborgen.

Meer vraag naar plasmadonors

Met ruim 400.000 actieve bloeddonoren in Nederland geeft 2 op de 100 inwoners op dit moment vrijwillig bloed. Jaarlijks worden daarmee zo'n 100.000 patiënten geholpen. “Dat is natuurlijk fantastisch”, zegt Karin Zuidema, locatiemanager bij Sanquin. “En daarin is momenteel de grootste uitdaging voor Sanquin het werven van voldoende plasmadonors”. De vraag naar bloedplasma stijgt jaarlijks met zo'n 3%, terwijl de vraag naar bloedcellen juist afneemt. "We vragen daarom een deel van onze bloeddonors of ze plasma willen geven. Dit kost iets meer tijd, maar het is essentieel voor het helpen van patiënten." Plasma bestaat uit vocht en eiwitten en kan worden toegediend aan patiënten met brandwonden. De eiwitten kunnen ook dienen als grondstof voor geneesmiddelen.

Sanquin
"En daarin is momenteel de grootste uitdaging voor Sanquin het werven van voldoende plasmadonors. We vragen daarom een deel van onze bloeddonors of ze plasma willen geven. Dit kost iets meer tijd, maar het is essentieel voor het helpen van patiënten."

Karin Zuidema locatiemanager bij Sanquin

Een zorgvuldig proces

Het proces van bloed- en plasmadonatie bij Sanquin is zorgvuldig en efficiënt. Hoe gaat dat nou in zijn werk? Donors ondergaan een keuring om te bepalen of het veilig is (zowel voor henzelf als de ontvanger) om te doneren. Bij plasmadonatie wordt het plasma gescheiden  van de bloedcellen. De bloedcellen krijgt de donor dan via dezelfde naald weer terug. Dat veroorzaakt minder vermoeidheid en de gedoneerde eiwitten en vocht maakt het lichaam weer snel aan. Daarom kan het geven van plasma vaker dan het geven van bloed. Alle afgenomen bloed wordt naar Nijmegen gestuurd voor bewerking. De daar uit verkregen bloedproducten komen daarna terug naar Groningen voor distributie aan de ziekenhuizen in Groningen en Drenthe.

Sanquin

De weg naar zelfvoorzienende productie

Dankzij Sanquin en Nederlandse donors is Nederland zelfvoorzienend op het gebied van bloedtransfusieproducten. Maar dat geldt niet voor plasma als basis voor plasmageneesmiddelen. Daarin is Nederland nog mede afhankelijk van import van plasmageneesmiddelen van internationale fabrikanten. Richting de toekomst streeft Sanquin ernaar om Nederland meer zelfvoorzienend te maken in de vraag naar plasmageneesmiddelen.

Op de Healthy Ageing Campus draagt Sanquin bij aan de missie om gezonde veroudering te bevorderen door regelmatige gezondheidscontroles van donors, innovatieve producten zoals de ontwikkeling van oogdruppels uit donorbloed en wetenschappelijke onderzoek op het gebied van anemie, bloedstolling, immuuntherapie en immuniteit & ontsteking.  Sanquin is ook grondlegger van het Health Innovation District in Amsterdam, waar bedrijven binnen de biomedische sector samen zijn gebracht om de gezondheidszorg gezamenlijk verder te innoveren.

De nabijheid van het UMCG biedt Sanquin aanzienlijke voordelen, waaronder directe toegang tot geavanceerde medische faciliteiten en nauwe samenwerking met vooraanstaande onderzoekers en specialisten. Hierdoor kunnen ze sneller en efficiënter samenwerken bij nieuwe medische inzichten en technologieën, wat de kwaliteit van diensten en onderzoek aan beide kanten ten goede komt.

Misschien ook interessant voor jou

do 23 april 2026

Campusbewoner Researchable zet wetenschappelijke kennis om in concrete AI- en dataoplossingen

Blaauw was niet alleen in zijn gevoel: inmiddels werken er nog vijf PhD’ers bij het bedrijf en beschikt de rest van het team over een master- of bachelor diploma. Met een sterke wetenschappelijke basis richten de twintig medewerkers zich op concrete vraagstukken van bedrijven. “Eigenlijk zijn we een strategische data- en AI-partner", legt Blaauw uit. "Dat betekent dat we niet blind uitvoeren wat er gevraagd wordt, maar kritisch kijken naar wat er nodig is. We pellen het probleem af tot de kern en kijken hoe data daar een structurele oplossing voor biedt. Vaak is AI daar het antwoord op, maar nooit het doel op zich.” Die academische achtergrond speelt daarbij een belangrijke rol. De medewerkers werken met kennis en technologie die nog niet in boeken staat. “De wereld van AI ontwikkelt zich zo snel dat een groot deel van onze kennis rechtstreeks uit wetenschappelijke artikelen komt.” Daarnaast helpt het abstracte denkvermogen van wetenschappelijk geschoolde mensen bij het doorgronden van complexe problemen, vertelt Blaauw. “In de eerste fase waarin een klant bij ons komt, gaan we niet direct bouwen, maar eerst graven. We benaderen een business-vraagstuk eigenlijk als een wetenschappelijk onderzoek: wat is de kernoorzaak en welk probleem lossen we écht op? We bouwen niet wat de klant vraagt, maar wat de klant nodig heeft.” Ongeveer 30 procent van de opdrachten van Researchable komt momenteel uit de wetenschappelijke wereld, en 70 procent van commerciële partijen. Zo werkte het bedrijf mee aan de AI-structuur van Legal Mike: een Groningse AI-assistent die juridische vraagstukken kan beantwoorden. Ook hierin is de combinatie van technologie en maatschappelijke impact duidelijk: “Het platform is natuurlijk handig voor een jurist, maar kan het recht ook toegankelijker maken voor een veel grotere groep mensen." ‘Europa first’ Volgens Blaauw is Europa inmiddels wakker geworden op digitaal gebied. “Geen America first, maar Europa first.” Het belang van een onafhankelijke Europese IT-infrastructuur is doorgedrongen, en dat merkt hij ook bij klanten van Researchable. “Het draait uiteindelijk om digitale soevereiniteit. Bedrijven willen niet langer afhankelijk zijn van Silicon Valley, maar zelf de controle houden over hun data”. Het bedrijf maakt zelf al gebruik van Nederlandse servers en wil dit in de toekomst ook als dienst aanbieden. “Een soort Researchable-cloud.” Ook de komst van de AI-fabriek is volgens Blaauw een stap in de goede richting. “De grootste waarde zie ik in het ecosysteem dat daardoor kan ontstaan. We kunnen ons als Groningen echt profileren als AI-stad van Europa.” Hij benadrukt dat Researchable daar ook deel van uitmaakt. “Aandeelhouders zien het bedrijf als groter dan het bedrijf zelf. Ze zien ons als een onderdeel van het ecosysteem dat Nederland en Europa beter kan maken.” Samenwerking is volgens Blaauw dan ook essentieel om digitale soevereiniteit te bereiken. Juist in het Noorden ziet hij dat dit al goed gebeurt. “Concurrenten werken vaak samen, delen kennis en drinken bij elkaar koffie. We zijn niet bang voor elkaar. Dat is misschien wel typisch Gronings. Als je niet kunt delen, dan kun je ook niet vermenigvuldigen.” Fotografie: Jan Buwalda Bron tekst: Merle van der Horst , Groninger Ondernemers Courant, 10 april 2026 Dit artikel stond ook in de fysieke Groninger Ondernemers Courant. Wil je de krant voortaan ook gratis ontvangen? Laat dan op www.gc.nl je gegevens achter!

wo 22 april 2026

Campus Groningen uitgelicht in IADP jubileumboek

Innovatie verbonden! Ter gelegenheid van het 10-jarig bestaan van IADP (Innovation Area Development Partnership) is een jubileumboek uitgebracht waarin een decennium aan samenwerking, groei en innovatie wordt belicht.

Eerste editie Halve Marathon Groningen groot succes: regen, records en een gedeeld gevoel van trots
wo 15 april 2026

"Dit doet iets met de stad." Hoe de Marathon Groningen meer is dan hardlopen: impact op economie, gezondheid en samenleving

De Marathon Groningen powered by Campus Groningen is in korte tijd uitgegroeid tot meer dan een sportevenement. Het is een motor voor economische activiteit, een aanjager van gezondheid én een bron van trots voor de stad. Volgens Erwin Mulder (gemeente Groningen) en Jan Hugo Nuijt (Groningen & Partners) zit de kracht juist in die brede impact.