Vanuit BuildinG op Campus Groningen werd een unieke internationale aardbevingssimulatie aangestuurd. Voor het eerst werd een compleet houten gebouw digitaal getest via gekoppelde testlocaties in meerdere Europese landen. De inzichten dragen bij aan veiliger, slimmer en duurzamer bouwen. Lees hier het hele artikel van de Hanze.
Een Europese primeur op de Hanze: Een houten gebouw van vijf verdiepingen werd digitaal getest op aardbevingsbestendigheid.
De afzonderlijke onderdelen van het gebouw, zoals vloeren en wanden, werden 8 mei gelijktijdig getest op verschillende locaties in Nederland, het Verenigd Koninkrijk en Griekenland. Via een digitale koppeling stonden al deze testlocaties met elkaar in verbinding, waardoor het gebouw als één geheel gemeten kon worden. Trillingen die op het ene onderdeel worden veroorzaakt, hebben namelijk direct invloed op alle andere onderdelen in het digitale model.
Tot nu toe werkte het zo: één partij meet het effect van een aardbeving op de muur, een andere partij meet de vloer. Maar die trillingen beïnvloeden elkaar. Wie de onderdelen los test, mist het complete verhaal. Precies dat probleem lost het project Hysteresis op.
Voor het eerst worden alle meetdata van een complex gebouw vanuit verschillende locaties op hetzelfde moment samengebracht, alsof het één constructie is. Binnen Europa beschikt geen enkele testlocatie over apparatuur waar een heel gebouw mee gemeten kunnen worden bij een aardbeving. Door een aantal locaties met de beste apparatuur virtueel aan elkaar te koppelen met behulp van een computerproramma, wordt de meetapparatuur op de verschillende locaties aan elkaar gekoppeld.
Vanuit het BuildinG-gebouw in Groningen stuurden Ihsan Bal, Eleni Smyrou and Kamer Ozdemir live de aardbevingssimulatie aan. In Patras (Griekenland) werden de dempingselementen getest, in Bristol (VK) de houten wanden op gesimuleerde zandondergrond. De reactiekrachten reizen binnen milliseconden terug naar Groningen, waar het algoritme de berekening continu bijstelt. "We hopen tijdens de test te ontdekken hoe ingenieurs het systeem beter kunnen vertrouwen", vertelt Bal. "Daarnaast willen we ook uitvinden hoe deze systemen efficiënter ontworpen kunnen worden."
De inzet van hout is geen toeval. Beton is verantwoordelijk voor 5 tot 8 procent van de wereldwijde CO2-uitstoot. Hout bindt juist koolstof en is een stuk goedkoper in productie en transport. Maar om hout verantwoord in te zetten voor hoogbouw, zijn betere technische richtlijnen nodig. Die ontbreken nu nog, waardoor bouwers vaak terugvallen op zware betonnen funderingen die lang niet altijd nodig zijn. Dit experiment levert de data om dat te veranderen.
De resultaten van het experiment zijn direct relevant voor de regio Groningen. Het project helpt beter te begrijpen welk effect aardbevingen hebben op de afzonderlijke onderdelen van een houten gebouw, zoals vloeren en wanden, en hoe die onderdelen elkaar beïnvloeden. Die kennis verbetert direct de manier waarop de veiligheid van bestaande gebouwen in de regio wordt beoordeeld en versterkt en nieuwe, houten gebouwen worden gebouwd. "Het is een langetermijninvestering voor de Hanze om juist hier in de regio testen te doen naar aardbevingsbestendig bouwen. Het is iets waar ik trots op ben dat we dit voor elkaar hebben gekregen", besluit Bal.
Bron tekst en afbeelding: hanze.nl
Het UMCG werkt verder aan de ontwikkeling van het nieuwe Centraal Laboratorium voor Diagnostiek en Research (CLDR). In de komende periode wordt het voorlopig ontwerp verder uitgewerkt tot een definitief ontwerp
Op Zernike Campus vinden innovatieve bedrijven de laboratoria, kennis en samenwerkingen om te groeien. Van startup tot scale-up: ontdek de mogelijkheden voor labruimte op Campus Groningen.
Een idee uit een laboratorium in Groningen dat uitgroeit tot een tablet die voor het eerst wordt getest bij patiënten. In de wereld van geneesmiddelenontwikkeling gebeurt dat zelden. Toch is dat precies wat ondernemer Kees van der Graaf, eigenaar van het bedrijf Sulfateq en farmacoloog Rob Henning van het UMCG hebben bereikt met SUL-238, een kandidaat-medicijn dat mogelijk kan helpen bij chronische aandoeningen als Parkinson, Alzheimer, hartfalen en nierziekten.