Bij Campus Groningen zetten we ons dagelijks in voor een goed bereikbare en toekomstbestendige Zernike Campus. Mobiliteit speelt daarin een sleutelrol. Samen met partners zoals Groningen Bereikbaar werken we aan slimme oplossingen die de campus toegankelijk houden voor studenten, medewerkers, ondernemers en bezoekers - nu én in de toekomst.
Lees hieronder het artikel dat eerder verscheen in de Groninger Ondernemers Courant, waarin Michael Myles, programmaleider mobiliteit bij Zernike Campus, vertelt over de gezamenlijke aanpak.
De Zernike Campus is één van de snelst groeiende campussen van Nederland. En dat betekent: werk aan de winkel op het gebied van de bereikbaarheid van de campus. Hoe blijft de Campus in de toekomst toegankelijk én leefbaar? Michael Myles, programmaleider mobiliteit bij Zernike Campus, vertelt.
Bij de campus wordt al langer gewerkt aan de bereikbaarheid. Dat moest ook wel, want tijdens de grootschalige projecten Operatie Julianaplein in 2022 en Operatie Ring Zuid moest alles op alles gezet worden om de stad bereikbaar te houden en zo min mogelijk auto’s op de weg te hebben. Die projecten werden bij de Campus aangegrepen om alvast goed aan de weg te timmeren op het gebied van duurzame mobiliteit, ook voor de toekomst. Dus ook nu Operatie Ring Zuid is afgerond, blijft bereikbaarheid een belangrijk thema.
Het Zernikecomplex stamt uit de jaren zestig, vertelt Myles. Inmiddels zitten er op de campus meer dan 250 bedrijven en ruim 50.000 studenten. Het wordt gezien als een van de belangrijkste campussen van Nederland. En ondertussen groeit de campus door. Op het gebied van mobiliteit heeft de campus drie belangrijke pijlers: bereikbaarheid, duurzaamheid en innovatie, zoals vastgelegd in de actieagenda Smart Mobility Campus 2022-2030.
Een van de grootste uitdagingen voor de campus: parkeren. De parkeerdruk is nu al hoog, en in de toekomst wordt dat alleen maar meer, als er niets verandert. Op dit moment wordt veel ruimte op het terrein ingenomen door parkeerplaatsen. “In de toekomst willen we de auto’s meer aan de randen van de campus, met kleinere parkeerhubs”, zegt Myles. Die parkeerhubs moeten gemakkelijk bereikbaar zijn via de ringweg. Met zulke hubs blijft het ‘centrum’ van de Zernike autovrij.
Dat past ook binnen de bredere ambitie van een autoluwe campus in 2030. “De campus is in transitie. Er komen nieuwe functies bij, zoals studentenwoningen. Dus we moeten kijken naar een leefbare campus”, zegt Myles. “We willen niet helemaal autovrij worden”, verduidelijkt hij. “Dus we blijven wel bereikbaar voor auto’s, maar we willen ze liever niet overal hebben rondrijden.
Maar om de campus bereikbaar te houden is meer nodig, ook van de bedrijven en instellingen. En hun medewerkers.“We zetten in op duurzame mobiliteit”, vertelt Myles. Kort gezegd betekent dat: minder mensen met de auto, meer deelmobiliteit, meer mensen op de fiets, het OV of thuiswerken.”
Maar hoe krijg je medewerkers zover? “Daar hebben we gelukkig de afgelopen jaren veel ervaring mee opgedaan tijdens de grootschalige werkzaamheden aan Operatie Ring Zuid.” Groningen Bereikbaar adviseerde toen bedrijven over hoe ze hun medewerkers ertoe konden bewegen minder met de auto te reizen.
En dat is ook onderdeel van de strategie van de campus. De Hanze is bijvoorbeeld in september gestart met een met nieuw parkeerbeleid: mensen die dichterbij wonen dan 15 kilometer, krijgen niet meer automatisch een parkeerplek. In plaats daarvan zijn er regelingen zoals een ov-vergoeding, en zijn er regelingen om fietsen aantrekkelijker te maken. De RUG stelde al eerder een soortgelijk beleid in. “Er is daarbij wel gekeken naar uitzonderingen”, verzekert Myles. “Als je bijvoorbeeld dichterbij woont dan 15 kilometer, maar het ov sluit niet goed op elkaar aan, dan geldt het strengere parkeerbeleid niet.”
De Hanze is ook een pilot met elektrische deelauto’s gestart. Medewerkers kunnen voor hun zakelijke afspraken zo’n deelauto gebruiken. “Het mooie van samenwerken via de campus: als iets bij één bedrijf succesvol is, kunnen we dat snel onderling delen. De initiatieven komen van de partijen zelf, maar we trekken zoveel mogelijk samen op.”
Bron Artikel: Groninger Ondernemers Courant
Blaauw was niet alleen in zijn gevoel: inmiddels werken er nog vijf PhD’ers bij het bedrijf en beschikt de rest van het team over een master- of bachelor diploma. Met een sterke wetenschappelijke basis richten de twintig medewerkers zich op concrete vraagstukken van bedrijven. “Eigenlijk zijn we een strategische data- en AI-partner", legt Blaauw uit. "Dat betekent dat we niet blind uitvoeren wat er gevraagd wordt, maar kritisch kijken naar wat er nodig is. We pellen het probleem af tot de kern en kijken hoe data daar een structurele oplossing voor biedt. Vaak is AI daar het antwoord op, maar nooit het doel op zich.” Die academische achtergrond speelt daarbij een belangrijke rol. De medewerkers werken met kennis en technologie die nog niet in boeken staat. “De wereld van AI ontwikkelt zich zo snel dat een groot deel van onze kennis rechtstreeks uit wetenschappelijke artikelen komt.” Daarnaast helpt het abstracte denkvermogen van wetenschappelijk geschoolde mensen bij het doorgronden van complexe problemen, vertelt Blaauw. “In de eerste fase waarin een klant bij ons komt, gaan we niet direct bouwen, maar eerst graven. We benaderen een business-vraagstuk eigenlijk als een wetenschappelijk onderzoek: wat is de kernoorzaak en welk probleem lossen we écht op? We bouwen niet wat de klant vraagt, maar wat de klant nodig heeft.” Ongeveer 30 procent van de opdrachten van Researchable komt momenteel uit de wetenschappelijke wereld, en 70 procent van commerciële partijen. Zo werkte het bedrijf mee aan de AI-structuur van Legal Mike: een Groningse AI-assistent die juridische vraagstukken kan beantwoorden. Ook hierin is de combinatie van technologie en maatschappelijke impact duidelijk: “Het platform is natuurlijk handig voor een jurist, maar kan het recht ook toegankelijker maken voor een veel grotere groep mensen." ‘Europa first’ Volgens Blaauw is Europa inmiddels wakker geworden op digitaal gebied. “Geen America first, maar Europa first.” Het belang van een onafhankelijke Europese IT-infrastructuur is doorgedrongen, en dat merkt hij ook bij klanten van Researchable. “Het draait uiteindelijk om digitale soevereiniteit. Bedrijven willen niet langer afhankelijk zijn van Silicon Valley, maar zelf de controle houden over hun data”. Het bedrijf maakt zelf al gebruik van Nederlandse servers en wil dit in de toekomst ook als dienst aanbieden. “Een soort Researchable-cloud.” Ook de komst van de AI-fabriek is volgens Blaauw een stap in de goede richting. “De grootste waarde zie ik in het ecosysteem dat daardoor kan ontstaan. We kunnen ons als Groningen echt profileren als AI-stad van Europa.” Hij benadrukt dat Researchable daar ook deel van uitmaakt. “Aandeelhouders zien het bedrijf als groter dan het bedrijf zelf. Ze zien ons als een onderdeel van het ecosysteem dat Nederland en Europa beter kan maken.” Samenwerking is volgens Blaauw dan ook essentieel om digitale soevereiniteit te bereiken. Juist in het Noorden ziet hij dat dit al goed gebeurt. “Concurrenten werken vaak samen, delen kennis en drinken bij elkaar koffie. We zijn niet bang voor elkaar. Dat is misschien wel typisch Gronings. Als je niet kunt delen, dan kun je ook niet vermenigvuldigen.” Fotografie: Jan Buwalda Bron tekst: Merle van der Horst , Groninger Ondernemers Courant, 10 april 2026 Dit artikel stond ook in de fysieke Groninger Ondernemers Courant. Wil je de krant voortaan ook gratis ontvangen? Laat dan op www.gc.nl je gegevens achter!
Innovatie verbonden! Ter gelegenheid van het 10-jarig bestaan van IADP (Innovation Area Development Partnership) is een jubileumboek uitgebracht waarin een decennium aan samenwerking, groei en innovatie wordt belicht.
De Marathon Groningen powered by Campus Groningen is in korte tijd uitgegroeid tot meer dan een sportevenement. Het is een motor voor economische activiteit, een aanjager van gezondheid én een bron van trots voor de stad. Volgens Erwin Mulder (gemeente Groningen) en Jan Hugo Nuijt (Groningen & Partners) zit de kracht juist in die brede impact.